Microleren, in het Engels microlearning genoemd, begint voor lesgevers bij een duidelijke structuur. Verdeel elke sectie in lessen met telkens één concreet leerdoel en geef elke les een titel die dat doel benoemt. Quizvragen of kleine opdrachten aan het einde laten de cursist meteen nagaan of hij de stof beheerst.
Houd daarnaast het ritme gelijk van les tot les. Volgt elke les dezelfde opbouw, bijvoorbeeld uitleg, voorbeeld en oefening, dan weet de cursist wat hij kan verwachten en verliest hij geen tijd met zoeken. Downloadbare samenvattingen per sectie maken het herhalen nog makkelijker.